De historie van de Triumph TR 7

British Leyland Motors

In 1967 nam “Leyland Motors” het autobedrijf “Rover” over en in 1968 ging het verder onder de naam “British Leyland Motors” (British Leyland Motor Corporation Ltd.). Echter kreeg de directietop het erg zwaar door slecht management, stakende vakbonden en de intense concurrentie. Gezien het succes van de eerdere Triumph’s kreeg de voormalige staf van de afdeling Triumph door de directietop de opdracht om een nieuwe sportwagen te ontwikkelen. Deze sportwagen moest de twee verouderde “big sportscars” vervangen voor een volledig modern ontwerp. Dit ontwerp moest weer een wereldwijde aantrekkingskracht op de kopers krijgen en moest geschikt zijn om in grote aantallen te kunnen produceren.

De British Leyland ontwerper Harris Mann werd op dit project gezet. Hij zorgde na 4 jaar voor een geheel eigentijds ontwerp, de Triumph TR7 FHC (Fixedhead Coupé).  

Triumph TR7 FHC

In september 1974 kwam British Leyland met de Triumph TR7 FHC op de markt. Dit model moest British Leyland uit het zwaar weer trekken gaf daarom aan dit model een TR aanduiding mee om de verkoop te stimuleren.
De carrosserie van de Triumph TR7 vertoonde de inmiddels overbekende wigvorm. Motorisch werd hij aangedreven door een 4 cylinder motor met een 2.0 liter welke gekoppeld was aan een 4-bak. De prestaties en het verbruik waren goed. En in januari 1975 werd de Triumph TR7 op de Amerikaanse markt geïntroduceerd. Het was pas in mei 1976 dat de TR7 voor de rest van de wereld beschikbaar werd. In februari 1977 werden de eerste 40 Triumph TR7 V8 FHC geproduceerd in de Triumph fabriek in Speke.

De eerste modellen werden tot mei 1975 bij de Rover-Triumph Division van British Leyland Motor Corporation (BLMC) geproduceerd. In mei 1975 verplaatste British Leyland de gehele productielijn naar Speke, Liverpool. Naast de Triumph fabriek die hier al sinds 1959 modellen produceerde als de Triumph Herald, Vitesse en 1300, werd door British Leyland een tweede fabriek gebouwd voor zo’n 10,5 miljoen pond. Het was Europees modernste autofabriek waar onder een dak zo’n 100.000 modellen per jaar geproduceerd konden worden. Hier werd de gehele productielijn van de TR7 ondergebracht.

De Triumph TR7 kreeg in 1977 te kampen met een twijfelachtige betrouwbaarheid, mede door kwaliteitsproblemen. Triumph kwam hier onder zwaar weer te liggen en de werknemers legden in oktober 1979 het werk voor onbepaalde tijd neer. Deze staking zou tot mei 1978 duren. Mede hierdoor kelderde de markt vrij onverwachts. Door de sterk kelderende markt moest in mei 1978 de moderne Triumph fabriek haar deuren sluiten.

De gehele Triumph TR7 productielijn werd verplaatst naar de Triumph fabriek in Canley, Coventry waar de Triumph Spitfire geproduceerd werd. In oktober 1978 is de gehele productielijn van de Triumph TR7 verplaatst. En in november 1978 vangt men hier aan met de productie van de TR8.

Triumph TR7 DHC

In 1979 verscheen de langverwachte Triumph TR7 DHC (Drophead Coupé), de mooie cabriolet-versie van de TR7. In julie 1979 bracht Triumph dit model uit op de Amerikaanse markt en in januari 1980 werd het model ook voor de Europeese markt geproduceerd, gevolgd in mei 1980 door de introductie op de Engelse markt. Echter hetzelfde jaar kwamen er donkere wolken boven het merk Triumph te hangen. De gehele productielijn van de TR7 FHC en DHC werd in augustus 1980 verplaatst van de Triumph fabriek in Coventry naar de Rover Solihull Plant in Solihull. Het was echter van korte duur want in oktober 1981 viel het doek voor Triumph en werd de gehele productie stilgelegd.

Triumph TR7 sprint FHC

In 1977

Triumph TR8 FHC

Vanaf de ontwikkeling van de Triumph TR7 in 1972-1974 was het al de bedoeling om de TR7 uit te rusten met een Rover V8 motor. De eerste prototypes hiervan verschenen reeds in 1973 en zijn in Wales getest en in 1977 werd de eerste serie TR8 FHC geproduceerd. Deze waren voor de Amerikaanse markt bestemd en de uitvoering verschilde nogal. Echter wat ze wel allemaal gemeen hadden was de Rover V8 motor die 133 PK had en een snelheid van +200 Km/u. Ze waren voorzien van dubbele carburateurs, stuurbekrachtiging en grijze lichtmetalen wielen. Optioneel waren de automatische versnellingsbak, striping, linnen dak en het kofferrek achterop. Enkele auto’s waren voorzien van een luchtinjectiesysteem om de uitlaatgassen te reinigen en zodoende aan de Amerikaanse milieu eisen te voldoen.

Triumph TR8 DHC

In juni 1980 verscheen op de Amerikaanse markt ook de TR8 DHC. De modellen waren uitgerust met een benzine-injectiesysteem. En in 1981 verscheen ook de TR8 DHC voor de Engelse markt. Echter door British Leyland werd uit een financieel oogpunt besloten te stoppen met de productie van de Triumph TR-lijn en in oktober 1981 kwam er een einde aan een serie roemruchte sportwagens van Triumph. Er zijn dan ook maar 22 exemplaren met een rechts stuur geproduceerd en verkocht.  

De Triumph TR7 is in september 1974 in de UK geproduceerd tot oktober 1981, door de jaren heen zijn er 112.368 TR7 Coupés en 2.497 TR7 cabriolets vervaardigd.